Acute Bijnierschorsinsufficiëntie
Een acute bijnierschorsinsufficiëntie is
een levensbedreigende aandoening, die, mits tijdig herkend, een
goede prognose heeft. Bij een onbegrepen hypotensie dient deze
diagnose altijd overwogen te worden en alleen al het overwegen
van deze diagnose zal veelal moeten leiden tot behandeling, na
het inzetten van de diagnostiek!
Anorexie, slapte, hoofdpijn, zouthonger,
gastrointestinale verschijnselen zoals misselijkheid, braken,
buikpijn en soms diarree. Vraag altijd naar (semi)recent geneesmiddelengebruik m.n. corticosteroïden. Informeer
met name naar maligniteiten, tuberculose, auto-immuunziekten of
endocriene ziekten in voorgeschiedenis.
Hypotensie, onverklaarde cathecholaminen
resistentie op IC/CCU, tekenen van verwardheid en coma,
hyperpyrexie, cyanose, tekenen van uitdroging, petechieën. Let
op endocriene verschijnselen zoals : abnormale pigmentatie van de
huid met name t.p.v. littekens, pigmentatie slijmvliezen,
spaarzame okselbeharing of juist virilisatie.
- Manifest worden van een al dan niet bekende chronische
bijnierschors-insufficiëntie (Morbus Addison). Uitlokkend
factoren kunnen zijn : een infectie, chirurgische ingreep, trauma
of andere stress (b.v. hittegolf), het toedienen van
geneesmiddelen die de steroïd synthese blokkeren (ketoconazol,
mitotane) of geneesmiddelen die het metabolisme van steroïden
verhogen zoals fenytoine of rifampicine.
-
Bepaalde vormen van congenitale bijnierschorshyperplasie eventueel in
combinatie met de uitlokkende momenten genoemd onder 1.
- Langdurig gebruik steroïden (zie ook glucocorticoïd stress
schema). Dit kan zowel leiden tot een verminderde functie van de
bijnierschors zelf als tot een tertiaire
bijnierschorsinsufficiëntie. In combinatie met de eerder onder 1
genoemde stressfactoren kan dit leiden tot een acute
bijnierschors-insufficiëntie. Let op : dit kan nog weken tot
maanden na het staken van de corticosteroïdmedicatie voorkomen.
Verder kunnen hypothalame ziekten een zeldzame oorzaak zijn.
-
Hypofyse-insufficiëntie (secundaire bijnierinsufficiëntie) in
combinatie met de uitlokkende factoren genoemd onder 1.
- Verminderde bijnierreserve bij ernstige hypothyreoïdie (kan
juist manifest worden in substitutiefase!)
-
Acute primaire bijnierinsufficiëntie ten gevolge van een
bloeding in de bijnieren bij een meningococcensepsis, het
gebruik van antistolling of in de zwangerschap.
Bloed : BSE, Hb, Ht, leucocyten, diff,
thrombocyten, eosinofielen, Na, K, glucose, ureum, kreatinine,
calcium, albumine, 2x bloedkweek, arteriële bloedgassen.
Urine : natriumconcentratie,eiwit,
nitriet en sediment.
X-Thorax
Frequent voorkomende afwijkingen bij
laboratoriumonderzoek: lage natriumconcentratie in het bloed en
een natriumconcentratie in de urine van > 20 meq/l,hypoglycemie,
eosinophilie.
- Plasmamonster voor cortisol en ACTH (nuchter om 8.00
uur).
- Korte ACTH-stimulatietest : 250 µg Synacthen® (tetracosactide)
i.v.. Bloedafname voor cortisol vóór en 30 minuten na toediening. Een stijging
van het cortisol na 30 minuten tot 0,550 µmol/l of een stijging van meer dan
25 % t.o.v. van
de cortisol waarde direct voorafgaande aan de toediening van Synacthen® sluit
een primaire bijnierschorsinsufficiëntie uit. Een relatieve of betrekkelijk kort
bestaande secundaire bijnierschorsinsufficiëntie is hier overigens niet geheel
mee uitgesloten.
-
Indien er sprake
is van shock, dient de patiënt opgenomen te worden op de IC.Bestrijding hypotensie/shock met NaCl 0,9%. Het volume deficit
kan 4-6 liter bedragen. 1000 cc infuus over de eerste uren kan
noodzakelijk zijn. Het infuusbeleid wordt bepaald door het beloop
van de klinische toestand, de bloeddruk, de urineproductie en de
natriumconcentratie in het bloed.
- Eventueel catecholaminen (dopamine).
- Na afnemen speciële diagnostiek starten met hydrocortison
intraveneus : 100 mg hydrocortison i.v. (bolus is pijnlijk, daarom oplossen in 50 ml 0,9% NaCl en toedienen in 30 minuten). Vervolgens 100 mg hydrocortison iv à 6 uur gedurende de eerste twee dagen. Daarna afbouwen aan de hand van de diagnose en het klinisch beloop tot hydrocortison 20 mg/dag, verdeeld over 3 giften.
- Bij aanwezigheid van primaire bijnierinsufficiëntie, zodra < 50 mg/dag hydrocortison gebruikt wordt, toevoegen van fludrocortison 0,05-0,2 mg/dag, afhankelijk van plasma/serum Na en aan-/afwezigheid orthostatische hypotensie.
- Bestrijden hypoglycemie en hyperkaliëmie, gedoseerd bestrijden
hyponatriëmie (zie de betreffende hoofdstukken)
- Eventueel behandeling luxerende factor.
- Na de acute fase verdere diagnostiek afhankelijk resultaten
initieel specieel onderzoek. Indien primaire
bijnierschorsinsufficiëntie : bepalen antistoffen tegen
bijnierschors, Mantoux en eventueel CT bijnieren. Bij
secundaire of tertiaire bijnierschors insufficiëntie onderzoek andere hypofyse afhankelijke hormonale
assen en eventueel verrichten van MRI-hypofyseregio.
Bron : Richtlijn NIV Addison crisis, 2009
MAL 12-1999
Revisie CEU 06/2006 en 11/2011