Protocol Splenectomie

Inleiding

Functie van de milt

Daardoor heeft men bij een asplenie (splenectomie en functionele asplenie) een verhoogd risico op ernstig in korte tijd verlopende levensbedreigende infectie. Het gaat hierbij om gekapselde bacteriën zoals Streptococcus pneumoniae, Haemophilus influenzae type b en Neisseria meningitides. Andere micro-organismen zijn Escherichia coli, plasmodium spp, babesiose en Capnocytophaga (honden of kattenbeet).

Splenectomie versus functionele asplenie:

Risicogroep zijn patiënten die een miltextirpatie hebben ondergaan, maar ook een congenitale of verworven functionele asplenie. Een sterk verhoogd risico hebben dan ook patiënten met onderliggend hematologisch lijden (sikkelcelziekte, thallassemie, sferocytose, verworven hemolytische anaemie, ITP, ziekte van Hodgkin, hypogammaglobulinemie, na bmtransplantatie, gebruik van immuunsuppressiva etc), maar ook patiënten met inflammatoire darmziekte, coeliakie of levercirrhose (zie tabel 1). Herkenning van een functionele asplenie kan plaatsvinden door gericht (handdiff) bloedonderzoek (Howell-Jolly bodies in erytrocyten)

Maatregelen bij patiënten met asplenie

  1. Identificatie (patiënt, huisarts, medisch paspoort/medic-alert armband of ketting)
  2. Voorlichting aan patiënt en huisarts.
  3. Immunisaties: Bij voorkeur 2 weken voor splenectomie of zodra fucntionele asplenie is vastgesteld. Na chemotherapie of radiotherapie worden vaccinaties 6 maanden uitgesteld, wel krijgt patiënt zolang antimicrobiele profylaxe. Zie verder tabel 2.
  4. Antibiotische profylaxe: De meeste fulminante septicaemiëen ontstaan in de eerste 2 jaar na het miltverlies. Advies is feneticilline (broxil) 2dd 500mg te gebruiken en afhankelijk van het onderliggend lijden langer of korter dan 2 jaar te gebruiken. Bij allergie voor feniticillene is claritromycine of erytromycine een goed alternatief.
  5. Antibiotica on demand: Een patiënt dient altijd een antibioticum thuis te hebben (bv co-amoxiclav 500/125 mg 4dd) om zo nodig bij koorts of koude rilling te beginnen.
  6. Honden of kattenbeten: Altijd nettoyage en antibiotica overwegen (co-amoxiclav)
  7. Malaria: Goede instructie van profylaxe en evt. resistente gebieden vermijden
  8. Overige reisadviezen (via GGD of vaccinatiecentrum)

Tabel 1

Medische condities geassocieerd met functionele asplenie

Tabel 2

Geadviseerde vaccinaties

01-2006 NDE Revisie 09-2011